Voor jongeren

Hier vind je het laatste nieuws en een selectie van content voor jou als jongere. Op danielonline.nu staat alles voor jou: blogs, video’s en podcasts maar ook alle aankomende activiteiten. De verwijzing naar danielonline.nu en naar de website van Koers-vakanties vind je hieronder.

Wie zijn wij?

Wil je kennismaken? Of meer te weten komen over de JBGG? Als non-profit organisatie binnen de Gereformeerde Gemeenten zetten we ons in voor jongeren en iedereen die een rol speelt in het leven van jongeren.

Laatste nieuws van Daniël

Artikelen

Artikelen

**Fruytier schreef brieven aan jongeren. Wat zou u aan hem willen schrijven?** “In zijn boeken merk ik duidelijk dat hij een hart voor jongeren heeft. Ik ben benieuwd hoe dat in de praktijk aan hem te zien was. Ik zou bijvoorbeeld willen vragen hoe hij in zijn tijd jongeren bij de gemeente heeft betrokken. Hoe richtte hij zijn pr ken op jongeren? Heeft hij jongeren tot bekering zien komen?” **Kunt u wat meer over hem vertellen?** Meneer Kriekaard, godsdienstdocent op de Driestar in Gouda, pakt zijn aantekeningen erbij. Lachend: “Ik heb me speciaal voorbereid op deze vraag, want ik ben geen rasechte kenner van Jacobus Fruytier. Fruytier is in 1659 geboren in Middelburg. Hij heeft in verschillende plaatsen gewoond en gewerkt als predikant. In Aardenburg, Dirksland en Vlissingen. Uiteindelijk is hij weer teruggegaan naar Middelburg. Hij is getrouwd en heeft meerdere keren zijn vrouw verloren. Jacobus Fruytier had in zijn leven veel strijd. Hij zette zich, net als zijn voorganger Voetius, in om dwaalleer en tegenstrijdigheden te weerleggen. Een voorbeeld hiervan is de strijd met de sekte van de Hebreeën. Zij geloofden dat alle mensen die uitverkoren zijn, zonder zonde worden geboren. Ze noemden deze mensen schuldeloos. Fruytier wilde hen ervan overtuigen dat alle mensen zondig worden geboren. Dat maakt juist het wonder groot dat de Heere Jezus voor zondaren is gestorven.” **U zei net dat Fruytier een hart voor jongeren had. Waar blijkt dat uit?** “Hij heeft twee belangrijke boeken geschreven. In 1724 schreef hij Salomo’s raad aan de jeugd en in 1726 Groot voor recht van christenkinderen. In deze boeken komt zijn liefde voor jongeren duidelijk naar voren.” *Meer lezen? Lees heel het interview op bladzijde 8-11 van Daniël #11 (2026).*

Lees meer
Artikelen

Artikelen

Stel je voor, je kokkerelt twee uur lang, in een lokaal met negen keukens, waarbij iedereen door elkaar loopt, de ramen niet open kunnen, er afwisselend om een mixer of weegschaal wordt geroepen, de bladerdeeghapjes van keuken zeven aanbranden, bij keuken vijf de melk overkookt en er een beker drinken omgaat van een dorstig persoon bij keuken twee. Je kunt je indenken dat na deze chaos al deze jongeren honger als een student hadden. Tóch lukte het ons niet, om onze – met zorg bereide – gerechten allemaal te verorberen. Voor mij zie ik twee dampende pannen soep, onaangetaste appels, rijkelijk gevulde wraps, broodjes zonder kruidenboter en meer. Met pijn in mijn hart zie ik dat bijna niemand wat van het smakelijke eten mee naar huis wil nemen. Begrijpelijk, want sommigen moeten nog een eind reizen, maar toch… Dan alles weggooien? Ik zoek naar mijn nu lege tassen die ik vol had meegenomen en laad daar bakjes soep in, appels en alles wat verder past. Een beetje schooierig voelt het wel. Alsof mijn eigen moeder niet lekker kan koken. Met twee volle tassen zak ik niet veel later neer op een metro stoel en sluit mijn ogen, want ik ben behoorlijk uitgeput na deze avond. Vlak voor het goede station (ik val gelukkig niet in slaap), sta ik op en sleep mijn tassen achter me aan. Opeens valt mijn oog op een vrouw die verschillende reizigers aanspreekt. Als ze dichterbij komt, hoor ik wat ze zegt: “Heeft u een beetje geld?” Opgelucht bedenk ik dat ik toch elk moment uit moet stappen, dus een goed excuus heb om niks te geven. “Oeps mevrouw, ik moet er nu écht uit!” Zoiets. Ze komt steeds dichterbij, maar de metro is nog niet bij het station… “Heeft u wat geld voor een dakloze?” Ik hóór het mezelf al zeggen: “Nee, sorry mevrouw. Ik…” Dan bedenk ik mij. “Ik heb éten!” Ik schreeuw het nog net niet uit. “Overheerlijke soep, mevrouw, nog warm. Mega lekker, heeft mijn broertje net gemaakt. Wat lust u?” hoor ik mezelf ratelen. Het gezicht van de vrouw klaart op. “Ik moet nog eten en ik lust alles. Als het koud is, maakt dat niks uit.” Ze tovert een tasje uit haar jaszak. En zo hevel ik de soep, de appels, de pasta en wat paprika’s van mijn boodschappentas over naar de tas van de dakloze mevrouw. De deuren van de metro schuiven open. Net op tijd. Met lichtere tassen én een lichter hart stap ik uit. Hoe mooi is het om uit te delen van je eigen overvloed? *Colinde van Luijk*

Lees meer
Een krans zijn of een krans ontvangen

Een krans zijn of een krans ontvangen

Het is weer van dat weer dat je met blote voeten naar buiten kunt. ’s Ochtends is het eigenlijk nog net iets te fris voor een zomerse outfit, maar je voelt tot in je tenen dat je over een paar uur heerlijk in de tuin kunt zitten, zonder kippenvel. De madeliefjes wachten tussen de groene grassprieten tot ze worden gewekt door de stralen van de zon. Nog even en hun witte gordijntjes zullen opengaan. Dan zie ik de bloemen stralen. Tot die tijd laten ze hun stralende, gele hart niet aan me zien. In dezelfde tuin zie ik andere madeliefjes. Verlept, verdroogd en intussen bijna krokant gebakken in de overvloedige zonnestralen. Een paar dagen geleden kwam een klein mensenkind, met stralende ogen, dat verrukt rondkeek in de bloemenzee. Haar voeten dansten, haar ogen kozen. Haar kleine handen plukten met zorg de zonnige bloempjes. Haar vingers maakten krans na krans, voor hen van wie ze hield. De bloemetjes straalden op haar haren en in haar nek. Verheven van de aarde. Uitgekozen om een kroon te zijn. Voor even. Nu liggen ze te verdrogen in de zon, terwijl hun soortgenoten uitbundig hun kopjes uitstrekken om door diezelfde zon gewekt te worden en onder haar stralen te groeien en te bloeien. Hoog zijn, gedragen worden. Even is het prachtig. Tot jaloersheid misschien van hen, die laag bij de grond blijven. Maar zíj hebben wortels om levenssappen op te zuigen. Zíj hebben de zon, de onmisbare bron van energie. Zij hebben het gras, dat verkoelt als de zon te heet wordt. Zolang ze daar zijn, leven ze. Stralen ze. Schijnen ze. Dat hoopje bloemenkrans dat als een vod in het groene gras ligt, ontvangt dezelfde zonnestralen, maar die stralen versnellen het proces van sterven alleen maar. Ze zijn los van de ondergrond, hebben geen wortels meer en dan is er geen leven mogelijk. Bloemen worden geplukt. Opeens zijn ze weg. Ze worden overgezet in een andere aarde. De nieuwe aarde, waar geen zon meer nodig is, omdat er Licht in over-vloed zal zijn. Daar waar het water altijd stroomt en de bomen altijd vrucht dragen. Waar de bloempjes altijd open staan, omdat er geen nacht meer is. Het is de enige plek waar bloemen niet doodgaan. De plek waar ze geen krans zijn, maar een krans ontvangen. Is dat jouw eindbestemming? Er is ook een andere plaats waar je naartoe kunt. Een plaats vol met geplukte bloemen. Misschien wel een krans geweest, maar nu voor altijd zonder water en zonder zon. Een plek waar bloemen altijd doodgaan. Jouw bloem staat er nog. Is je hart al geopend om de zonnestralen op te vangen? Je hoeft alleen maar te ontvangen. Dan zul je voor altijd leven. *Matanja van Koeveringe*

Lees meer

Uitgelichte activiteiten

Nieuws

Jeugdbondsymposium 2026

Een veilige plek. Daarover gaat het tijdens de aankomende Jeugdwerkactie. En D.V. 2 oktober, tijdens het jaarlijkse Jeugdbondsymposium, begint de actie officieel!

Lees meer
0
    Winkelwagen
    Uw winkelwagen is leeg
      Bereken verzendkosten